De ontwikkelingsfasen van de kat.
Katten worden al vele jaren gewaardeerd als huisdier. In den beginne als ondierverdelgers en nu als gezellige huiskat. Toch is niet iedere kat die gezellige huiskat en dat worden ze ook niet vanzelf.
Jonge katjes (kittens) leren vrijwel alles van hun moeder en van hun nestgenootjes.
Op zich hebben ze daar maar een paar maanden de tijd voor, daarna moeten ze zelfstandig in het leven kunnen staan.
Vandaar deze opsomming van de ontwikkelingsperioden van de kat.
0 -14 dagen. De kittens zijn blind en doof. Slapen en drinken bij de moeder. Reuk en gevoel is wel aanwezig. Ogen en oortjes gaan open tussen de 10-12 dagen open en de kittens kunnen volledig horen en zien als ze 3 weken oud zijn. Tandjes komen rond de leeftijd van
14 dagen.
2 – 3 weken.Overgangsperiode. De kittens worden iets minder afhankelijk van hun moeder en worden zich bewust dat er nog meer bestaat dan alleen het nest.
3-7 weken. De eerste socialisatieperiode. Hier wordt de basis gelegd voor de gezellige huiskat. De kittens zijn nieuwsgierig, willen alles onderzoeken, dus ook mensen, andere dieren en voorwerpen. Als dit positieve ervaringen zijn, zullen ze niet de drang hebben om te vluchten. In deze tijd is het voorbeeld van de moeder ook heel belangrijk, bv. als moeder schuw is voor mensen, zullen de kittens dit van haar overnemen. In zo’n geval is het goed om regelmatig met de kittens te spelen waar de moeder niet bij is. De kittens nog niet echt bij de moeder weghalen, want ze hebben haar nog hard nodig.
De kittens spelen met elkaar en allerlei voorwerpen. Na de zevende week wordt de vluchtneiging groter. Na zeven a acht weken kunnen de kittens naar de nieuwe eigenaar.
7-14 weken. De tweede socialisatieperiode.
Tussen de 9 en 14 weken spelen kittens het meeste met elkaar. Hiervan leren ze hun sociale gedrag ten opzichte van soortgenoten. Het is dus goed als kittens in deze periode niet alleen zijn, maar met andere sociale katten.
Katten zijn niet, zoals vaak beweerd wordt, dieren die het liefst alleen zijn {solitair}, maar zijn graag in elkaars gezelschap. Zeker katten die niet naar buiten kunnen hebben graag een maatje in huis.